Vergnes Expertise stelt vragen aan Witteveen + Bos over door de NAM geponeerde conclusies over Vergnes rapporten

14 september, 2016 | Nieuws

Vergnes Expertise heeft bij Witteveen + Bos officieel vragen neergelegd over de door de NAM geponeerde conclusies die Witteveen + Bos getrokken zou hebben over rapporten van Vergnes Expertise. Bij Vergnes Expertise is niets bekend dat dergelijke ernstige conclusies rechtvaardigt, terwijl Vergnes Expertise door de openbaarmaking wel schade lijdt. Een goed voorbeeld van de door NAM gepubliceerde ongerechtvaardigde beschuldigingen waren de uitingen van NAM directeur Schotman bij de Provinciale Staten van Groningen op 31 augustus jl., waar hij Vergnes Expertise van slecht werk betichtte. Deze vragen vormen een opmaat voor het verhalen van de schade die werd aangericht door deze ongerechtvaardigde beschuldigingen ten laste van degene die ze geuit heeft.

Vergnes Expertise directeur Richard Vergnes zei: ‘Het is onacceptabel dat de NAM zonder aankondiging, onderbouwing of het inschakelen van een onafhankelijke partij, zoals het Nederlands Instituut Voor Register Experts waarvan Vergnes Expertise lid is, zulke ernstige beschuldigingen uit. Door het stopzetten van vergoeding van contra-expertise verricht door Vergnes Expertise worden gedupeerden van aardbevingsschade in keuzevrijheid beperkt, enkel en alleen om de belangen van de NAM te dienen. Deze uitingen zijn niet gegrond en grievend. De schade die hierdoor werd aangericht zal worden verhaald. Nu ingenieursbureau Witteveen + Bos door de NAM als bron wordt genoemd, heeft Vergnes Expertise Witteveen + Bos hierop aangesproken.’

Vragen gesteld aan Witteveen &+ Bos:

  1. Op basis van welke informatie heeft Witteveen + Bos geconcludeerd dat Vergnes Expertise slecht werk levert?
  2. In welke mate neemt Witteveen + Bos verantwoordelijkheid voor de uitingen van de NAM en de heer Schotman?
  3. Wanneer zijn deze conclusies met Vergnes Expertise besproken?
  4. Vergnes Expertise heeft een concept rapport gezien gedateerd 1 juni 2016. Dit rapport is gebaseerd op expertises waarin gerapporteerd werd op basis van het oude format: waarom heeft Witteveen + Bos gemeend ervoor te moeten kiezen om rapportages op basis van het besproken nieuwe format buiten beschouwing te laten?
  5. Graag een overzicht van de professionele kwalificaties en beroepsverenigingen waarbij de verantwoordelijkheden voor de rapportages van Witteveen + Bos zijn aangesloten.
  6. Graag een overzicht van de precieze aard en omvang van de commerciële relaties tussen Witteveen + Bos en de statutair directeur van de NAM (Shell Nederland en met de met haar in een groep verbonden ondernemingen, de Shell groep). Uit de website van Witteveen + Bos blijkt dat daar vijf pagina’s met nieuwsberichten over samenwerking met de Shell groep vermeld worden. Beschouwt Witteveen + Bos zich als een onafhankelijke partij ten opzichte van de Shell groep? Heeft Witteveen + Bos beoogd een onafhankelijk definitief oordeel te formuleren? Heeft Witteveen + Bos daarbij duidelijkheid verschaft over haar relaties met de NAM?
  7. In correspondentie met de NAM en in gesprekken met Witteveen + Bos heeft Vergnes Expertise  benadrukt dat de huidige wijze van rapportage gebaseerd is op een standaard die oorspronkelijk door de NAM in de markt gezet is en die door alle contra-expertise bureaus gevolgd wordt: in welke mate heeft Witteveen + Bos ook gekeken naar rapportages van andere contra-experts en de markt standaarden in haar overwegingen betrokken.
  8. Naar de mening van de NAM bij monde van haar voorlichter de heer S. Van Rootselaar is het aan Vergnes Expertise te wijten dat een groot aantal schademeldingen een (te) lange doorlooptijd kent. Deze constatering wordt direct gekoppeld aan de bevindingen van Witteveen + Bos. Heeft Witteveen + Bos een dergelijke conclusie getrokken en zo ja, waarop is deze conclusie gebaseerd? Waarmee heeft Witteveen + Bos deze gegevens vergeleken? Waarom is deze conclusie nimmer met Vergnes Expertise besproken?
  9. Wij hebben verschillende (‘concept’) rapportages van Witteveen + Bos in ons bezit die feitelijk onjuist zijn en waarbij geen hoor en wederhoor is toegepast. In welke mate behoort toepassing van hoor en wederhoor tot de beroepsethiek en eisen van Witteveen + Bos?
  10. Heeft Witteveen + Bos de NAM toestemming gegeven de rapportages en conclusies van Witteveen + Bos te publiceren? Hoe zien die conclusies en de verleende toestemming eruit?